door Fethullah Gulen

Fethullah Gulen is een Islamitisch geleerde, prediker en sociaal pleitbezorger.

Saylorsburg, Pennsylvania.

Nu de presidenten van de Verenigde Staten en Turkije in het Witte Huis elkaar gaan ontmoeten op dinsdag, komt de leider van het land dat ik nu voor bijna twee decennia lang mijn thuis heb genoemd oog in oog met de leider van mijn vaderland. De twee landen hebben veel op het spel, inclusief de strijd tegen de Islamitische Staat, de toekomst van Syrië en de vluchtelingencrisis.

Maar het Turkije dat ik ooit kende als een inspirerend land dat onderweg was naar het consolideren van zijn democratie en een matige vorm van secularisme, is nu het speelveld geworden van een president die er alles aan doet om meer macht te vergaren en elk tegengeluid te dempen.

Het westen moet Turkije helpen om terug te keren naar een democratisch pad. De ontmoeting op dinsdag en de NATO top volgende week zouden gebruikt moeten worden als een gelegenheid om deze inspanningen te bevorderen.

Sinds 15 juli, in de nasleep van een betreurenswaardige couppoging, heeft de Turkse President Recep Tayyip Erdogan systematisch onschuldige mensen vervolgd — 300.000 Turkse burgers zijn gearresteerd, ontslagen, vastgehouden ofwel hun leven verwoest, of het nou Koerden zijn, Alevieten, seculieren, links-gezinden, journalisten, academici of participanten van de hizmetbeweging, de vredesgezinde humanitaire beweging met welke ik geassocieerd ben.

Toen de couppoging zich ontplooide, had ik het sterk afgekeurd en er afstand van genomen. Verder, had ik gezegd dat iedereen die onderdeel was van de poging mijn idealen had verraden. Desondanks, en zonder bewijs, beschuldigde Erdogan mij direct van het orkestreren van de coup op een afstand van 8000 km.

De volgende dag kwam de overheid met lijsten van duizenden individuen van wie zij dachten een band te hebben met Hizmet — vanwege een bankrekening, les geven op een school of het rapporteren aan een krant — en behandelde een dergelijke band als een misdaad en begon zo met het verwoesten van hun levens. De lijsten bevatten namen van mensen die al maanden dood waren en namen die toen in dienst waren bij NATO’s Europese hoofdkwartier. Internationale waakhonden hebben talloze ontvoeringen gerapporteerd, in toevoeging tot mishandeling en overlijdens onder detentie. De overheid vervolgde onschuldige mensen buiten Turkije, door bijvoorbeeld Maleisië onder druk te zetten om 3 Hizmetsympathisanten uit te leveren vorige week, inclusief een schooldirecteur die daar al langer dan 10 jaar leefde, om zekere gevangenneming en waarschijnlijke mishandelingen tegemoet te zien.

In april won de president op het nippertje het referendum — samen met serieuze fraude beschuldigingen — om zo een “uitvoerende presidentschap” te vormen, zonder checks en balansen, waarmee hij controle zou krijgen over alle drie de takken van de overheid. Om zeker te zijn was veel van deze macht, middels zuiveringen en corruptie, al in zijn handen. Ik vrees voor de Turkse mensen nu ze een nieuwe fase van autoritarisme ingaan.

Het was niet zo begonnen. De regerende Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling (AKP) kwam in 2002 tot macht met veelbelovende democratische reformaties in achtervolging van lidmaatschap van de Europese Unie. Maar met de tijd werd Erdogan steeds meer intolerant tegen kritiek. Hij faciliteerde de overzetting van veel mediabedrijven naar zijn vertrouwde kringen middels regulerende instanties van de overheid. In juni 2013 perste hij de Gezi Park demonstranten uit. In december hetzelfde jaar, wanneer zijn leden van zijn kabinet beschuldigd werden van betrekking bij een corruptie schandaal, reageerde hij daarop door de rechterlijke macht en de media te onderwerpen. De “tijdelijke” noodtoestand, uitgeroepen na 15 juli, is nog steeds in werking. Volgens Amnesty International zijn een-derde van alle gevangene journalisten uit de wereld in Turkse gevangenissen.

Erdogan’s vervolging van zijn eigen mensen is niet alleen een binnenlandse kwestie. De actieve vervolging van de civiele bevolking, journalisten, academici en Koerden in Turkije is een bedreiging voor de stabiliteit op lange termijn van het land. De Turkse bevolking is al sterk gepolariseerd op het AKP regime. Een Turkije onder een dictatoriaal regime, die haven biedt aan gewelddadige radicalen en zijn Koerdische burgers in wanhoop duwt, zou een nachtmerrie worden voor de Middel Oosterse veiligheid.

De mensen van Turkije hebben de steun nodig van hun Europese bondgenoten en de Verenigde Staten om hun democratie te herstellen. Turkije initieerde een meerpartijenstelsel in 1950 ter toetreding tot de NATO. Als voorwaarde van lidmaatschap aan de NATO, kan en zou NATO moeten eisen dat Turkije de democratische normen honoreert.

Twee maten zijn van uitermate belang om de democratische regressie terug te keren in Turkije.

Ten eerste, een nieuwe civiele constitutie zou moeten worden opgesteld middels een democratisch proces waarin de input van alle segmenten van de samenleving in acht wordt genomen, een die overeenkomt met de internationale en humanitaire normen en die gefundeerd is op de lange term succes van de Westerse democratieën.

Ten tweede, een onderwijscurriculum die democratische en pluriforme waarden benadrukt en het kritisch denken ondersteunt, moet worden ontwikkeld. Elk student moet het belang van de balans tussen overheidsmachten, individuele rechten, scheiding der machten, de onafhankelijke rechterlijke macht en persvrijheid inzien, en de gevaren van nationalisme, politisering van religie en verering van de staat of een leider.

Echter, voor dat kan gebeuren, moet de Turkse overheid de onderdrukking van zijn volk stoppen en de individuele mensenrechten, die door Erdogan zijn geschonden, weer rechttrekken.

Ik zal waarschijnlijk niet lang genoeg leven om de Turkije te zien als een voorbeeldige democratie, maar ik zal bidden dat de neerwaardse autoritaire trend gestopt kan worden voordat het te laat is.

Washingtin Post : Bron